Vaste planten:

Vaste planten sterven in de herfst grotendeels bovengronds af, het wortelgestel overwintert ondergronds.

In het voorjaar komen de vaste planten weer tot leven. Om vaste planten gezond te houden is delen of verplaatsen elke drie of vier jaar gewenst.

Let bij de aanplant wel goed op de juiste kenmerken, de planten groeien en bloeien  namelijk beter als ze afgestemd worden op de juiste standplaats, grondsoort en dergelijke.

Vaste planten zijn door de eeuwen heen gecultiveerd, veredeld, dus de eisen van elke plant zijn verschillend. De verzorging is eenvoudig, bemesten met kunstmest of organische bemesting in het voorjaar, na de winter eventueel overtollige stengels of blad afknippen.

 

Hortensia:

Hortensia is een vrij onderhoudsarme plant voor langdurige bloei, ze zijn er in vele soorten en bloemkleuren.

Een hortensia ontwikkelt zich optimaal in halfschaduw en vochtige grond. Ze vragen niet veel bemesting maar een normale gift via kunstmest of organische bemesting.

Blauwe hortensia’s wensen een zure grond met lage PH waarde. Op kalkrijke grond krijgt men meer verkleuringen.

Met de snoei opletten of de plant op één- of tweejarig hout bloeit. Planten die op eenjarig hout bloeien mogen tot de grond worden afgeknipt. Beste snoeitijd is eind maart-half april. Oude scheuten deels verwijderen tot 5 cm boven de grond. Zwakke en dunne scheuten eveneens verwijderen. Overige jonge scheuten tot 30 cm inkorten bij voorkeur op een buitenoog. De snoeicyclus is erop gericht om steeds te verjongen dus oude scheuten deels verwijderen en jonge scheuten behouden.

 

Rhododendron:

Rhododendrons zijn er in alle kleuren soorten en maten; bladverliezende, wintergroen, grootbloemig en kleurbloemigen.

De standplaats, zeker de eerste jaren, in halfschaduw. Veengrond is het meest ideaal, andere grondsoorten kan ook, maar dan met toevoeging van tuinturf, zodat de grond zuur wordt.

Snoeien direct na de bloei boven een bladkrans. Zo kan men de bloei bevorderen en de vorm behouden.

 

Varens:

Varens krijgen geen bloemen en vermeerderen zich middels sporen die onderaan het blad zitten. Er zijn groenblijvende en bladverliezende soorten, diverse soorten met zeer mooie bladstructuren. Men kan varens solitair planten maar het mooiste resultaat is varens in groepen planten.

De standplaats is optimaal in schaduwrijke, vochtige of moerasachtige omgeving. Het betekent niet dat ze in droge omgeving niet groeien, echter blijven ze dan bescheiden in omvang.  

 

Grassen:

Grassen zijn zeer populair, ze geven rust,  afwisseling en stabiliteit in de borders. Vanwege de bijzondere decoratieve waarde worden grassen vaak toegepast. Zeker in het najaar en de winter zijn grassen zeer sfeervol in de borders. De bloempluimen kunnen tot aan het voorjaar blijven staan en dan vervolgens worden afgeknipt. Grassen zijn niet veeleisend qua grondsoort en standplaats.

 

Kruiden:

Een kruid  is een plant die gebruikt kan worden om de geur en smaak van gerechten te verbeteren.

Daarnaast zijn kruiden decoratief en worden ze gebruikt om hun medicinale eigenschappen.

Redenen  genoeg om een plekje in de tuin te bieden aan deze planten. Naast genoemde eigenschappen trekken kruiden veel bijen en vlinders aan, zelfs op balkons.

Kruiden zijn niet veeleisend qua verzorging, geef ze niet teveel water, ze staan liever te droog dan te nat. Stikstofrijke mest stimuleert de groei.

 

Bamboe:

Bamboe behoort tot de grassen, van oorsprong komt de Bamboe vooral voor in de tropische gebieden.  Bepaalde soorten zijn daarom ook niet winterhard, ruim 150 soorten en dan met name de Bamboe van het geslacht Fargesia zijn prima geschikt voor ons klimaat.

De hoogte van de bamboeplant varieert van 10 cm tot 30-40 meter.

In ons land is een lengte van 6-8 meter vooralsnog het maximaal haalbare.

Standplaats bij voorkeur beschut in de zon of halfschaduw, goed doorlatende en bemeste  grond.

lak bij een folievijver.

Fargesia soorten woekeren niet, deze zijn ideaal voor toepassing in kleine tuien, potten of als solitaire plant.

Als men voor andere wel woekerende soorten kiest is het raadzaam om wortelbescherming in de grond te plaatsen tot ongeveer 50 cm diep.  Bamboes wortelen oppervlakkig dus daarom bescherming niet te diep plaatsen anders groeit het eroverheen.

 

Azalea:

Azalea valt tegenwoordig ook onder de groep Rhododendrons. Naast de vele bladhoudende soorten zijn er ook veel bladverliezende soorten Azalea’s. Deze bloeien wel wat later, maar zeker zo uitbundig als de groenblijvende soorten en sommige soorten geuren uitzonderlijk. Snoeiwijze, standplaats en grondsoort is gelijk aan Rhododendron.

 

Groenblijvende bodembedekkers:

Bodembedekkers zijn  planten die breed/ horizontaal vertakken, plant men deze in een groep, dan groeit dit  in elkaar en zo ontstaat er een dicht groen tapijt. Voordeel is dat er weinig of geen onkruid tussen groeit en het  zo jaarrond een mooi resultaat oplevert.  Veel toegepast zijn bodembedekkers aan slootkanten, taluds, onder bomen of vakbeplanting.

Daarnaast is er onderscheid tussen groenblijvende bodembedekkers  en bladverliezende bodembedekkers.